Staatssecretaris de Jager balanceert op een dun koord. Aan de ene kant is hij trots op de vorderingen die zijn gemaakt bij het aanpakken van belastingparadijzen. Landen met een bankgeheim komen onder steeds grotere internationale druk te staan dit bankgeheim op te heffen. Deze landen geven met hun bankgeheim gelegenheid tot belastingontduiking en je moet niet “passief of actief meewerken aan het wegsluizen van belastingen van andere landen”, aldus De Jager in een radio-interview op 8 april.
Maar naast het bankgeheim zijn er nog andere mogelijkheden om belastingen te ontlopen. Het Nederlandse netwerk van belastingverdragen, in combinatie met andere Nederlandse belastingregelingen, is daar een goed voorbeeld van. Duizenden brievenbusvennootschappen zijn in Nederland ondergebracht bij zogenaamde trustmaatschappijen. Deze brievenbusvennootschappen hebben geen mensen in dienst. Wel stromen er miljarden euro’s doorheen, waarbij gebruik wordt gemaakt van de Nederlandse belastingverdragen en belastingregelingen. Dit leidt tot een lagere belastingdruk voor de eigenaren van deze brievenbusvennootschappen. De Jager toont zich in het interview bewust van deze praktijk, maar benadrukt dat het hier om belastingontwijking gaat en niet om belastingontduiking. En dat vindt hij geoorloofd.
Nederland kent dan wel geen bankgeheim, maar onze belastingwetgeving heeft wel kenmerken van een belastingparadijs. Er is dan ook een omvangrijke industrie van adviseurs en dienstverleners in Nederland ontstaan, die deze kenmerken van Nederland als product verkoopt. De jaarlijkse geldstromen die hiermee zijn gemoeid zijn zo groot, dat De Nederlandsche Bank ze tot aparte categorie heeft gemaakt, omdat anders het zicht op de reële economie van Nederland wordt vertroebeld.
Of belasting nu ontdoken of ontweken wordt, maakt voor het land dat achter het net vist niet zoveel uit. De Nederlandse wetgeving en belastingpraktijk maakt het mogelijk passief of actief mee te werken aan het wegsluizen van belastingen van andere landen. En dat is nu juist wat De Jager niet wil. Het wordt tijd dat dit aspect van onze belastingwetgeving in de discussie wordt betrokken en dat politiek, overheid en bedrijfsleven laten zien waar zij in deze discussie staan.
Albert Hollander
Voorzitter Tax Justice Nederland